The Blind Boys of Alabama in Het Depot: After a 75-year journey, ‘Almost Home’

De legendarische Amerikaanse gospel, R&B en soul groep The Blind Boys of Alabama heeft met hun imposante, lange en bijzondere carrière eigenlijk geen verdere introductie nodig. Ze leidden eigenhandig de revival van de gospel vanaf de jaren 90 en definieerden de Zuid-Amerikaanse sound tot in de 21ste eeuw. Na zeven decennia samen hebben deze legendes dan ook een imposant oeuvre opgebouwd, waarbij het nieuwste album ‘Almost Home’ voelt als een hoogtepunt van hun levenslange, muzikale reis. Het bewijs dat deze kranige oude heren ook anno 2018 nog still going strong en uiterst geloofwaardig zijn. Met hun nieuwste telg onder de arm zakte de Amerikaanse roots/gospelgroep op dinsdag 17 april af naar Leuven om Het Depot op een onvergetelijk optreden te trakteren.

Om te beginnen vormen de Blind Boys een hele bijzondere formatie. Deze band begon al in 1939 met zingen en besloten in 1944 professioneel door te gaan. De groep, geprezen als ‘pioniers‘ van de gospel music, heeft de barrières van ras en genre doorbroken om uiteindelijk uit te groeien tot een ​​van de meest gewaardeerde en gevierde groepen binnen dit genre. Van het Alabama Institute for the Negro Blind, waar de originele leden elkaar ontmoette, over 5 Grammy awards tot aan het Witte Huis, waar de groep heeft opgetreden voor Martin Luther King en de drie verschillende presidenten, is hun verhaal in vele opzichten ‘The American Story’ welke centraal staat in het nieuwste, emotionele album ‘Almost Home’. Dit nieuwste album moest de kers op de taart en een ultiem eerbetoon worden voor de enige twee originele overgebleven bandgenoten Clarence Fountain en Jimmy Carter.

De ‘Blind Boys of Alabama’ huisvesten nog steeds twee van de originele ‘Blind Boys’ met name Jimmy Carter (89 jaar) en Clarence Fountain (91 jaar). Jimmy Carter werd geboren in 1929 stond als bijna 10-jarige mee aan de wieg van deze gospel formatie. Nog steeds ‘on the road’ zong hij eerst in het schoolkoor van het ‘Alabama Institute for the Negro Blind’ in Talladega, AL. Zijn kompaan van destijds Clarence Fountain (°1927) beperkt zich om gezondheidsredenen enkel nog tot het mee inzingen van de albums. Clarence werd blind op 2-jarige leeftijd en ging als Alabama native naar datzelfde instituut als Jimmy Carter. Na het verlaten van de school begonnen ze met het uitbreiden van hun skills voor gospel en kwamen zo ‘The Happyland Jubilee Singers’ op te richten, waaruit de ‘Blind Boys of Alabama’ ontstonden en nu al een meer dan 75-jarige carrière op hun cv staan hebben.

Nadat ‘The Como Mamas’ hier vorige maand ‘Het Depot’ in een diepgelovige gospelsfeer kwamen onder te dompelen werd het nu tijd voor de meesters in dit genre. Dinsdag was het de beurt aan de ‘Blind Boys of Alabama’ en dit nog in de flow van hun vorig jaar uitgebrachte, en misschien wel laatste, album ‘Almost Home’. Het album bestaat uit een serie nieuwe songs (of course), die onder meer gepend werden door Valerie June, Phil Cook (Megafaun), John Leventhal en Marc Cohn. Het schrijnende aan dit mooie verhaal is dat deze legendarische gospelgroep hun nieuwe album in eigen beheer moest uitbrengen. Is er dan geen enkel label zo slim om voor zo een getalenteerde groep te tekenen?

Met The Blind Boys Of Alabama komt ook Jezus zijn woordje meepraten (of is dit oneerbiedig geformuleerd?). Met hun ‘Black Gospel’ staken ze dinsdag niet de Jordaan maar de Dijle over richting ‘Het Depot’, en werd Mike Naert, de drijvende kracht van deze cultuurtempel, tot misdienaar gedegradeerd. De verdere bezetting van deze ‘Blind Boys of Alabama’ bestond naast Jimmy Carter ook nog uit de drie andere ‘Blind Boys’ Ben Moore, Eric “Ricky” McKinnie en Paul Beasley samen met gitarist Joey Williams. Verder ook nog met hun vaste keyboard speler Peter Levin, bassist Stephen Ladson en drummer Austin Moore. Dus zingen voor vrede deden we hier allemaal samen. Praise the lord!

   

Strak in een zalmkleurig maatpak en met de ‘signature zonnebril’ werden The Blind Boys Of Alabama begeleid tot voor hun stoel. Vrijwel meteen werden ze verwelkomt onder een daverend applaus. Hierop kwam ouderdomsdeken Jimmy Carter als eerste met de humoristische oneliner, “glad to see you all”, om iedereen welkom heten.

“Now my friends, having said all of that, i want you to sit back, relax, take your shoes off if you want to and listen to the Blind Boys of Alabama. This song was recorded many years ago by the blind boys. You know, the world is full of trouble right now. But you know, God is still under control. He still knows what is going on. Oh yes he will.”

  

Na deze intro was het Ben Moore die de debatten opent met een swingende bewerking van ‘Spirit in The Sky’, in 1970 een dikke hit hier voor Norman Greenbaum. Met ‘Stay On The Gospelside, staken de Blind Boys een eerste nummer van hun nieuw album af. Een warm schuifelend gospel-soul nummer waarin de mannen vol overtuiging over hun gospelroots zingen. ‘Let My Mother Live’ is dan weer een licht funky nummer met een haast swamprock-achtig geluid. In deze smeekbede om maar geen wees te worden valt het bluesy gitaarwerk van John Leventahl sterk op. De boys zijn zeer gekend om hun diepzinnige ballads.  De ballad ‘Singing Brings Us Closer’ is hierbij mogelijk de meest spraakmakende. In deze emotionele ballad wordt namelijk de overleden mede oprichter George Scott herinnerd. In de piano ballad ‘Almost Home’, van Randall Bramblett, gloreert de sublieme samenzang van de boys, die de tand der tijd duidelijk zeer goed heeft doorstaan.

   

Dat de Blind boys zeer veelzijdig zijn werd nog maar eens duidelijk met ‘Pray For Peace’, een uptempo rocker met messcherpe gitaar riffs. Tijdens het optreden werd het publiek tevens getrakteerd op een cover van het Billy Joe Shaver nummer ‘Live Forever’, dat voor de gelegenheid een licht funky jasje kreeg aangemeten. En dat jasje paste perfect. Door de doorleefde stemmen van de boys, wisten ze tesamen een langzame soulvolle versie van het overbekende Bob Dylan nummer ‘I Shall Be Released’ een nieuwe extra dimensie te geven. Met ‘Train Fare’ van Valerie June was er zelfs in het broeierige Depot plaats voor een luchtige gospel-soul wals.

“Alright, you heard it, God said it. And if God said it, it is good enough for me. Alright my friends, let me say this to you. The Blind Boys have a new record out. Oh yeah. The record is called Almost home. And it tells the story of the Blind Boys from the time they started till now. That’s been a long time ago. But the good news is that we’re still here. Alright. We’ve been on a European tour for a while, but we have one more show before we are heading back to the States. So I want to thank you all for being so nice to us as we’ve been here. And we hope to come back real soon. Alright. This record was written by two of my good friends: Joey Williams and Stephen Ladson because they are respecting me. The song is called I can See.

Na het intieme ‘God Sait It’ met in de hoofdrol Blind Boy Eric “Ricky” McKinnie volgde er het pitttig funky nummer ‘I Can See’ in de beste Staple Singers traditie, een openbaring waarop Jimmy Carter zich ook terug oprichtte. Een wonderschone soul ballad met hemelse zang waarin de grote liefde voor de Heer bezongen wordt, vonden we terug in ‘God Knows Everything’. Eindelijk weer eens ouderwetse mooie deep soul ballad!

 

De aanwezigen in ‘Het Depot’ droegen deze kranige ‘Blind Boys’ op handen en dat respect verdienen ze ook wel. Met ‘Stand By Me’ kregen we dan ook een eerste algemene samenzang, gevolgd door enkel nog positieve ‘vibes’ die de zaal werden ingestuurd. Ook Paul Beasley kende zijn ‘moment de gloire’ in Leuven en bracht met zijn facet stem de ganse zaal in vervoering. “There Will Never Be Any Peace (Until God Is Seated at the Conference Table)”. Alsof ‘The Wolfman’ ooit bij hem in de leer is gegaan bleef ook Jimmy Carter als een volleerd ‘virtuoos’ alles aan elkaar praten en liet hij ieder lid van de band hun respectievelijke muzikale introductie doen. Zo ook de ‘white boy’ aan de keyboards.

“Alright. Stand by me. Alright my friends. Shall we move on? This next song is an old one. It’s been out since a long time and it came up on an unclouded day.”

  

Deze kennismaking van de band was ook de intro tot de spiritual ‘I Shall Not Be Moved’, een nummer dat werd afgeleid uit het Bijbelse hoofdstuk naar de brief van Jeremia, en zo ging het dak er hier af in ‘Het Depot’. Op het rifje van de traditional ‘House of the Rising Sun’ was het Ben Moore die het voortouw nam voor een uitgesponnen ‘Amazing Grace’ waarna het tijd was voor de apotheose. De on-stage gospelchemie was merkelijk voelbaar tot ver buiten de tent.

Ondanks zijn hoge leeftijd speelde Carter een grote rol tijdens de optredens. Carter wisselde de leads af met de andere bandleden, maar toch is hij degene die op het podium het meest in de schijnwerpers stond. Met ‘The Hammer Song’ aka ‘This Land is Your Land’ werd het helemaal te gek en ontpopte Jimmy Carter zich nogmaals tot een ware ‘virtuoos’. Een nummer waarop Jimmy met de woorden “I Can’t See You, I Need To Hear You”, zowat het ganse ‘Depot’ in beweging krijgt. Tijdens het nummer liet hij zich zelfs op de rand van het podium tillen om er een persoonlijke erezaak van te maken om alle fans een hand te schudden. 5 minuten en een plat gedrukte hand later rees de god van de gospel muziek zich recht om er nog een stevige lap op te geven. Hallelujah!

Na dit ludieke intermezzo was het tijd voor ‘I Kept On Walking’, een nummer dat werd geproduceerd door Steve Berlin waarbij het echte gospel gevoel van een uitbundig swingende kerkdienst werd terug bracht. Na de broeierige ballad ‘I Was Called’ lieten de Blind Boys in ‘See By Faith’ nogmaals horen dat ze tot de gospeltop behoren.

Na hun “laatste song” verlieten de ‘boys’ op gekende wijze in een keurig opgesteld rijtje, net zoals ze gekomen waren, het podium na een welgemeende tot ziens! Onder luid geroep van ‘we want more’…More kregen we traditiegetrouw nog een excellerende versie van het nummer ‘Higher Ground’ van Stevie Wonder voorgeschoteld. “Lord Have Mercy” kweelde Carter nog een laatste keer.

Ondanks dat de concertzaal slechts deels gevuld was, deed dat helemaal niets af aan de beleving. De heren zijn niet meer van de jongsten, maar hun stemmen zijn duidelijk niet verouderd en hun samenzang is nog zo goed als perfect. Het werd een spiritueel gospel-, soul- en blues getint optreden om lang te herinneren. Met een hele reeks meeslepende songs en enkele tracks van het meest recente album Almost Home beleefden de aanwezigen hier weerom een hoogdag. En de Lord zag ongetwijfeld dat het goed was.

The band:

Jimmy Carter: Vocals

Ben Moore: Vocals

Paul Beasley: Vocals

Eric “Ricky” McKinnie: Vocals

Joey Williams: Guitar

Stephen Ladson: Bass

Peter Levin: Keys (Hammond B3)

Austin Moore: Drums

Their setlist:

Spirit in The Sky | Stay On The Gospel Side | Let My Mother Live | Pray For Peace | Singing Brings Us Closer | Almost Home | Live Forever | I Shall Be Released | Train Fare | God Sait It | I Can See | God Knows Everything | Stand By Me | I Shall Not Be Moved | Amazing Grace | This Land is Your Land | I Kept On Walking | I Was Called | See By Faith | Higher Ground

Tekst: Bart Heleven

Foto’s: Bart Heleven & Raf Degeest

Meer artikels van deze auteur:

Comments

comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

%d bloggers liken dit: